Je loopt op je tenen,

maar niemand slaapt.

Je wilt lachen en spelen,

maar je lef is verdwenen.

Stond je maar heel hoog op een berg 

ver weg van de huiskamer vandaan.

Alleen of met lieve mensen,

maar je bent op je tenen blijven staan.

Je schrikt, je kijkt weg, je adem stokt.

Vervaagd is je speelsheid, je mooie jij verstopt. 

“Kom lief kind”, wil je zeggen nu je ouder bent.

“Kom bij me en dans de wereld rond.

Vergeet waarom je bang bent,

houd niet langer je mond,

je ogen en je hart gesloten.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *