Het begon vanmorgen al toen ik, anders dan normaal, met mijn ‘goede’ broek ging wandelen. Negen van de tien keer springen de honden die ik tegenkom niet tegen me aan als ik hen gedag zeg. Deze geheel natte en uit de modder herrezen labrador deed dat wel. De liefde was gelukkig wederzijds.

Thuis mijn broek weer fatsoeneren en naar school. Diezelfde koffiebeker had nu weer een grote rol. Het ding lekte, doordat ik het scheef had dichtgedraaid.

Ik had koffie gehaald en was er in mijn werkkamer nog even mee aan het draaien toen een oud-mentorleerling aanklopte. Ik liet de beker staan en liet haar praten. Ze had iemand nodig om even alles op een rijtje te krijgen. Nu in de derde is alles veel zelfstandiger, zei ze, maar hoe moet ik mijn cijfers nu omhoog halen als ik niet weet waar te beginnen. Dus ontrafelden we samen wat prioriteit 1 was en dan 2 en dan 3. 

Het bleek dat het allemaal best meeviel. Ze begreep ook hoe ze dit voortaan alleen kon doen, maar drukte haar op het hart dat ze altijd welkom was. Ze ging weer weg en ik liep met mijn koffiebeker naar het lokaal waar mijn vierde wachtte.

Je raadt het al, bij de eerste de beste slok, schoot er koffie langs mijn lippen op mijn crème kleurige truitje. De meiden  zaten vooraan en we kregen de slappe lach.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *