Als je bent op de plek die ik hier probeer te omschrijven, kun je dit niet onder woorden brengen. Althans ik niet, als ik daar ben.

Lang geleden was ik met mijn gevoel, gedachten en emoties ver weg van hier. Hier, de geborgen, warme, tevreden stilte waar het gevoel van ik ben oké met mezelf en mijn omgeving de overhand heeft. Een plaatje van een tuin vol bloeiende bloemen, de geur van vers brood, de klanken van een mooi klassiek stuk. Dat voel je dan niet, proef je niet, hoor je niet en zie je niet.

Je bent waar het stil is, de stilte doet pijn, want de stilte schreeuwt dat je alleen bent. Je bent in het lege niets dat je meesleept en je onder dompelt in nog meer eindeloze en moedeloze gevoelens van eenzaamheid en leegte. 

Niets waar je naar uitkijkt, nergens waar je je rustig en vredig voelt. Je zwemt rond zonder zicht en je wilt ook niets zien. De knoop in je maag wordt groter en neemt je over. Je bent nergens meer en de zin van alles is allang verdwenen.

Ik ben eruit gelopen. Met trage passen zonder dat ik wist waar ik heen moest. De weg leek eindeloos en vaak gaf ik de moed op om me terug te trekken om me te laten verteren. 

Een simpele pil en veel therapie trok me eruit. Me laten leiden en iedere dag slikken. Het hielp. Scheutjes zonlicht drongen binnen, ik kreeg zin in opstaan. Zin in het leven.

Af en toe slingert datzelfde leven me weer bijna terug. Als mijn ritme wordt verstoord of als er van binnen een storm woedt waarvan ik aan de oppervlakte de oorzaak niet kan zien en dus te laat om hulp vraag. 

Angst overvalt me dan. Angst voor dat grote, eenzame, zwarte, lege gat dat me opzuigt en me niet meer teruggeeft aan het leven. Als ik ook maar iets voel van die leegte, heeft de angst mij in zijn greep.

Nu was een huilbui en een verhelderend gesprek voldoende om het tij te keren. Dan weet ik ook dat ik nog ver van het gat verwijderd was om al zo snel terug te keren.

Vanmorgen zou ik dit niet kunnen schrijven. Nu wel. Ik zal de te diepe dalen nooit helemaal kwijtraken, maar omarmen kan ik hen niet. Als ik daar ben, wil ik het leven niet. Misschien moet ik er nog iets mee, maar voor nu ben ik alleen maar opgelucht dat het gat me weer heeft laten gaan.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *